Alles waar ik spijt van heb
(Philippe Claudel)
Het verhaal van een man die terugkeert naar zijn geboortedorp om zijn moeder te begraven, een dorp dat zich in bijzondere omstandigheden bevindt. 
Dit dorp, de situatie waarin het zich bevindt, de omstandigheden, gebeurtenissen en intense diep menselijke emoties worden zeer gedetailleerd beschreven op een manier die Philippe Claudel waarachtig typeert.
Vreemde gelijkenissen met herkenbare fraai gedetailleerde details in een subliem taalgebruik.

‘De beambte had een piepklein Italiaans autootje met de vorm van een torenklok en de droog knetterende motor van een kettingzaag’

De sfeer is duister, enigszins mystiek, hier en daar zelfs een beetje magisch realistisch. Het sleept je mee langs enkele bijzonder goed weergegeven persoonlijkheden, Abrikoos, de Jos en de begrafenisondernemer om er maar enkele te noemen. De interactie tussen de personages is zo innig en beschreven dat je er met je neus lijkt op te zitten.
Ook nadenkertjes worden meegegeven:

‘Iedereen wil altijd weten waaraan de doden zijn gestorven, terwijl dat er helemaal niet toe doet… Het gaat erom waarom ze zijn gestorven, maar dat wordt nooit gevraagd…’

De relatie moeder/zoon wordt haarfijn uit de doeken gedaan en op een zeer subtiele manier door het boek geweven.
Hier en daar opgefrist met een tikkeltje fijne humor geeft het lezen dat extra extraatje en maakt het geheel compleet.
De legende van de nonkel van Jos aangaande het boek der 100 dingen waar je spijt kunt van hebben alsook ‘die enige vraag die ertoe doet..’ van meneer pastoor zal me nog lang bijblijven…
Sfeerzetting en de teneur van dit verhaal deed me terugdenken aan het boek ‘Het meisje van meneer Linh’, eveneens van dezelfde auteur.
Hoe dieper in het verhaal hoe raadselachtiger het wordt en hoe meer het boek een ware pageturner waardig is.
Naar het einde toe en vooral op het einde zelf is de kans niet onbestaande dat je als lezer eveneens ergens spijt van hebt…

(Philippe Claudel is een Franse auteur, scenarioschrijver en filmregisseur die heel wat prijzen op zijn palmares heeft staan)

Een meisje met twee borsten

Hoe een doodeenvoudig liefdesverlangen van Jonathan kan leiden tot een hilarische reis naar New York en Mexico.
Ongekende fantasie en humor met gekke verbanden zijn net als herhalende erotiek de fil rouge van dit op zich wel logische fantasierijke verhaal. Heel wat bizarre personages met al even bizarre namen  , Pief- Poef & Paf om er maar enkele te noemen, komen ten tonele. Van in het begin tot op het einde naakte situaties. Naakt, naakt, naakt en nog eens naakt alsook het bloot slaat je om de oren waardoor het verhaal soms wat op de achtergrond geraakt maar gelukkig spitsvondig terugkomt.

Het boek krioelt van gekke woordspelingen, hilarische beeldspraak, en linguïstische gekkigheden. Okee, hier en daar wat grof taalgebruik en afhankelijk van hoe je het bekijkt niet altijd vrouwvriendelijk, wat sommige lezers tegen de borst kan stuiten of door mekaar kan schudden.
Al bij al over het algemeen goedlachse humor met een hoog Brusselmans gehalte alsook Urbaneske taferelen.
Verwijzingen naar actuele situaties halen de lezer sporadisch doch verrassend uit de meeslepende fantasie.
Pure ontspanning, misschien niet om in één ruk uit te lezen…
(Deze zin zou niet misstaan in het boek…, begrijpe wie begrijpe kan).
Een gevoel van ‘teveel is trop en trop is teveel’ kan je overvallen doch het verhaal is zo meeslepend en wordt naar het einde toe best wel spannend en zelfs een tikkeltje filosofisch.
Helaas, een moord blijft echter onopgelost waardoor je als lezer nieuwsgierig achterblijft en wie weet , uitkijkt naar Erik zijn derde boek...
Kortom een fantasierijk boek dat erotische kolderhumor hoog in het vaandel draagt waarbij taboes niet lijken te bestaan.
Een absolute aanrader voor mensen die houden van dit genre.

'Een meisje met twee borsten' is het tweede boek van Erik Segers en minstens zo sterk in zijn genre als het eerste boek 'Ik ging naar de dokter', zeker wat betreft onverwachte wendingen en naaktscenes.

P.S.: zelden een boek gelezen dat zo vaak zijn eigen titel ten berde brengt… 🙂